door Annemarth Hiebendaal, leerlinge Vrijzinnig
Christelijk Lyceum (VCL) te Den Haag
‘De
beleving van een herdenking van een zeventienjarige’
Wij
zijn hier bijeen om de mensen te herdenken, die tijdens de
Japanse bezetting in voormalig Nederlands-Indië zijn
omgekomen. Vandaag wordt ook de capitulatie van Japan
gevierd, die vandaag 61 jaar geleden plaatsvond.
Bij
deze 15 augustusherdenking ligt de nadruk echter duidelijk
op de herdenking van de overledenen tijdens de Japanse
bezetting.
Toen
ik vroeger over een bezetting hoorde, deed me dat
eigenlijk vrij weinig. Wat was een bezetting eigenlijk? Ik
kon me er nauwelijks een voorstelling van maken.
Toen
ik vroeger over een oorlog hoorde, deed me dat veel meer.
Bij een oorlog dacht ik aan iets afschuwelijks. Een
gevecht tussen twee verschillende groepen, die elkaar met
wapens proberen te vernietigen. Bij een oorlog kreeg ik
ook altijd een beeld voor me van een heleboel doden.
Van
jongs af aan leerde ik veel over de Tweede Wereldoorlog.
Over de Duitse bezetting in Nederland, de jodenvervolging
en de kampen waarin de joden opgesloten en omgebracht
werden. Maar wat ik nou eigenlijk zo gek vind, is dat ik
nauwelijks iets over de oorlog in Nederlands-Indië
gehoord heb! De oorlog die zich aan de andere kant van de
wereld afspeelde, en waar men over het algemeen veel
minder van afweet. Waarom?
Ik
las het levensverhaal van Dolf Spruit, dat hij als titel
´De verzwegen oorlog´ had gegeven. Die titel spreekt
aan, omdat het de waarheid is. De oorlog en de bezetting
zijn verzwegen, genegeerd. Niet alleen door de Nederlandse
regering en het keizerrijk Japan, maar vaak ook door de
overlevenden, die in Nederland terugkeerden.
Veel
slachtoffers wilden of konden er ook niet meer over
praten. Men ging door met zijn leven, en probeerde alles
zo snel mogelijk te vergeten.
Over
de oorlog is zo weinig gesproken, zoveel verzwegen. Voor
de slachtoffers, die de Japanse bezetting hadden
overleefd, was dat vaak lijfsbehoud. Maar voor de
regeringen en overige Nederlanders gold dat laatste niet.
Ik vind dat een slechte zaak. We mogen deze oorlog en
bezetting niet vergeten! We moeten ze, zoals vandaag,
blijven herdenken!
In
deze oorlog zijn zoveel onschuldige mensen gestorven.
Mensen werden in kampen gestopt en van hun familie
gescheiden. Er waren mannen- en vrouwenkampen, en in beide
leefde men in slechte omstandigheden. De mensen kregen
nauwelijks te eten, moesten keihard werken, leefden in
onzekerheid, en misschien nog wel het ergste, werden door
de Japanse soldaten gekleineerd.
Wat
mij van al de verhalen het meest raakte, waren die over de
troostmeisjes. Op school kwam mevrouw Hamer ons wat
vertellen over deze meisjes. Toen ik naar het verhaal
luisterde kreeg ik een ontzettend naar gevoel.
Ik
denk dat de troostmeisjes me zo raken, omdat ik zelf ook
een meisje ben. Ik heb me geprobeerd voor te stellen hoe
het moet zijn geweest, maar ik zal u eerlijk vertellen,
dat is onmogelijk. Ik, als meisje van zeventien, kom uit
zo´n veilige omgeving, dat ik me daar moeilijk in kan
verplaatsen. Ik probeer me wel in te denken hoe het moet
zijn geweest, en ik denk dat die ervaring zo erg was, dat
deze moeilijk in woorden uit te drukken is.
Meisjes,
die uit de kampen werden gehaald, bij hun moeder vandaan
werden geplukt en in een bordeel te werk werden gesteld.
Ze moesten daar dag en nacht klaarstaan voor de Japanse
soldaten, ze moesten gehoorzamen, en werden dag en nacht
misbruikt. Ik vind dat zo ontzettend wreed. Het is
onmenselijk om je medemens zo te behandelen.
De
meisjes werden troostmeisjes genoemd, omdat ze bedoeld
waren om de Japanse soldaten te troosten. Zij die echter
troost zochten maakten slachtoffers, die nooit meer
getroost konden worden.
Wat
ik ook heel erg vind, is dat de meisjes van de Japanners
niets mochten zeggen over wat er gebeurd was. Als je als
meisje terugkwam in het kamp, werd je goed in de gaten
gehouden. Je mocht het niet eens je eigen moeder
vertellen!
Veel
meisjes wilden of konden er ook niet eens meer over
praten. Ze wilden het zo snel mogelijk vergeten. Het erge
is, dat een ervaring als deze, niet te vergeten is! Het
zal je altijd blijven achtervolgen, je hele leven lang.
Nachtmerries en angst voor lichamelijk contact zijn
hiervan het gevolg. Sommige vrouwen moesten zelfs allerlei
operaties ondergaan om nog kinderen te kunnen krijgen,
omdat ze in hun tijd in het bordeel een abortus hadden
moeten ondergaan.
De
meisjes werden vaak bij terugkomst uitgescholden voor ‘Jappenhoer’.
De meeste meisjes schaamden zich zo erg, dat ze er nooit
iets over hebben willen zeggen. Ik vind het heel erg, ze
zich schaamden voor iets waar ze zelf nooit voor hebben
gekozen!
Ik
heb veel aandacht aan de troostmeisjes geschonken, omdat
ik vind dat op deze dag nog eens extra bij hen stil moet
worden gestaan!
De
schade die een oorlog toebrengt aan mens, dier, natuur en
infrastructuur is immens. De schade die het langst voort
duurt, is het geestelijke leed, dat aan de overlevenden,
direct of indirect, is aangedaan. Toch denk ik dat er ook
iets positiefs uit een oorlog voortvloeit.
We
kunnen en moeten de oorlog immers ook als een les zien. We
hebben ervaren wat een oorlog voor ellende meebrengt en
weten dus waarnaar we moeten streven om toekomstige
oorlogen te voorkomen. Ik vind dat mijn generatie er alles
aan moet doen om een oorlog als in Nederlands-Indië
plaatsvond, niet nogmaals te laten gebeuren.
Ik
denk, dat zij die overleden zijn tijdens en na de
bezetting, dat alleen maar zouden toejuichen!
(Gesproken
woord geldt)
|