| Organisatie -- Agenda -- Verhalen -- Documentatie -- Actualiteiten -- Een gastdocent vertelt -- Aanvragen gastles -- Links -- Index |
Jakarta 15 augustus 2005
TOESPRAAK CDP MENTENG PULO TIJDENS DE HERDENKING
Burgemeester en mevrouw Opstelten, Dames en overige Heren, jongens en meisjes,
Vandaag, 15 augustus, is
het 60 jaar geleden dat er met de capitulatie van Japan een einde kwam aan de
Tweede Wereldoorlog in Zuidoost-Azië. Veel Nederlanders, andere Europeanen,
maar ook heel veel Indo
nesiërs
zijn gedurende de Japanse inval en gedurende de bezettingsjaren daarna om het
leven gekomen. Die slachtoffers herdenken wij vandaag. De aanwezigheid van
Indonesië vertegenwoordigers onderstreept dat wij gezamenlijk het leed
herdenken dat in de oorlogsjaren is aangericht.
Op 4 mei houden wij in Nederland onze jaarlijkse Nationale Dodenherdenking. Daarbij herdenken wij alle Nederlandse burgers en militairen die waar ook ter wereld zijn omgekomen sinds de Tweede Wereldoorlog, in oorlogssituaties, maar ook bij vredesmissies.
De Nederlandse Stichting Herdenking 15 augustus 1945 beijvert zich echter om op 15 augustus specifiek stil te staan bij de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog in Zuidoost-Azië. Daartoe organiseert de Stichting jaarlijks op 15 augustus een herdenkingsbijeenkomst in het Congresgebouw in Den Haag, gevolgd door een kranslegging bij het Indisch monument. Ik kom op deze herdenking in Den Haag straks nog terug.
De Stichting nodigt ons elk jaar uit om ook in Indonesië de slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog in Zuidoost-Azië te herdenken. Elk jaar honoreren wij dit verzoek met een kranslegging hier op het Ereveld Menteng Pulo in Jakarta, georganiseerd door de Directeur Indonesië van de Oorlogsgraven Stichting. In dit bijzondere jaar, 60 jaar na de bevrijding, heeft de Stichting ons verzocht om niet alleen op Menteng Pulo de slachtoffers te herdenken, maar ook op de overige Erevelden in Indonesië op Ancol in Noord Jakarta, op Pandu en Leuwigajah bij Bandung, op Candi en Kalibanteng in Semarang, op Kembang Kuning in Surabaya en op de Commonwealth War-Cemetery Galala in Ambon
De herdenkingen op de andere Erevelden hebben vanmorgen plaatsgevonden. De ambassade medewerkers die betrokken waren bij de herdenkingen in Ancol, Bandung en Semarang konden net op tijd terug zijn om vanmiddag ook nog deze herdenking op Menteng Pulo bij te wonen.
De herdenking op het Ereveld Kalibanteng in Semarang heeft op initiatief van Claudine Helleman dit jaar bijzondere aandacht gekregen. Speciale aandacht is besteed aan de vele vrouwen en kinderen die tijdens en na de Japanse bezetting zijn omgekomen.
De kranslegging vond plaats bij het Vrouwenmonument in aanwezigheid van leden van de Nederlandse gemeenschap in Semarang en andere belangstellenden die hiervoor speciaal naar Semarang waren gekomen. Tevens zijn bloemen gelegd bij het Monument voor de Jongenskampen en de kinderbegraafplaats.
Ik ben daarom blij dat er vandaag ook (een aantal) kinderen bij deze herdenking aanwezig zijn. Want voor ons allen, jong en oud, is het belangrijk om stil te staan bij de vreselijke gevolgen van oorlogen voor alle partijen die er gewild en ongewild in betrokken raken. Dit dwingt ons allemaal om steeds te blijven werken aan een rechtvaardige samenleving waar mensen in vrede en vrijheid met elkaar leven en aan het oplossen van conflicten zonder geweld. Het is daarom ook bemoedigend dat vandaag het vredesakkoord tussen de Republiek Indonesië en de GAM in Helsinki is getekend. Het geeft aan dat Indonesië het vermogen heeft om bij conflicten naar vreedzame oplossingen te zoeken.
Ik sprak al eerder over de herdenkingsbijeenkomst in het Congresgebouw in Den Haag, gevolgd door een kranslegging bij het Indisch monument. Deze herdenkingsbijeenkomst vindt nu, op dit moment, tegelijk met onze bijeenkomst hier plaats. Hare Majesteit Koningin Beatrix en Minister-President Balkenende zijn daarbij aanwezig, evenals Minister Bot van Buitenlandse Zaken.
In het Congresgebouw heeft Minister Bot, zojuist een herdenkingstoespraak gehouden. Hij heeft deze rede uitgesproken als vertegenwoordiger van de Nederlandse Regering, maar ook, zoals hijzelf zei, als “Kind van Indië”.
De Indische gemeenschap heeft veel geleden onder de Japanse bezetting. Maar niet alleen zij, ook de Indonesische bevolking. Na de capitulatie van Japan was het leed helaas niet voorbij, in tegenstelling tot wat toen vurig werd gehoopt. In de jaren daarna volgde de strijd om de onafhankelijkheid en dekolonisatie van Indonesië die aan beide zijden veel slachtoffers heeft geëist en leidde tot een scheiding der wegen tussen Indonesië en Nederland.
Minister Bot heeft
zojuist in Den Haag aangekondigd dat hij na de herdenking direct zal afreizen
naar Indonesië. Als vertegenwoordiger van de Nederlandse Regering, maar ook als
vertegenwoordiger van de generatie die de pijn van de scheiding tussen
Indonesië en Nederland heeft ondervonden, zal hij met de ogen gericht op de
toekomst ons land vertegenwoordigen bij de Indonesische viering van de op 17
augustus 1945 uitgeroepen onafhankelijkheid.
Het is voor het eerst dat een Nederlandse bewindspersoon bij deze Indonesische onafhankelijkheidsviering aanwezig zal zijn. Zijn aanwezigheid kan daarmee als een Nederlandse politieke en morele aanvaarding van 17 augustus als Indonesische onafhankelijkheidsdatum worden opgevat.
Minister Bot heeft zojuist in Den Haag aangegeven dat samen werken aan een gezonde en veilige toekomst van onze samenleving en werken aan goede betrekkingen met Indonesië ons zal helpen ook de meest pijnlijke aspecten van ons verleden dragelijk te maken.
De betrokkenheid van de Nederlandse Regering in het algemeen en die van Minister Bot als “Kind van Indië” in het bijzonder, bij zowel de Nederlandse 15 augustus herdenking, als bij de Indonesische viering van het uitroepen van de onafhankelijkheid op 17 augustus, mag ook ons stimuleren om enerzijds met respect de slachtoffers uit het verleden te herdenken, maar tegelijkertijd te werken aan goede relaties met onze Indonesische vrienden.
Tenslotte wil ik graag aangeven dat deze herdenking vandaag voor mijn echtgenote en mij ook een bijzonder karakter heeft. Het is vandaag de laatste keer dat ik in mijn hoedanigheid van ambassadeur de slachtoffers herdenk die op de Nederlandse Erevelden in Indonesië begraven liggen. Telkens weer maakt een dergelijke herdenking op mijn vrouw en mij een diepe indruk. Niet in de laatste plaats, omdat u met uw aanwezigheid deze momenten van bezinning met ons deelt en daaruit samen met ons inspiratie opdoet om op een verantwoorde wijze aan onze toekomst te werken. Tijdens toekomstige herdenkingen op 4 mei en 15 augustus zullen mijn vrouw en ik nog vaak aan deze herdenkingen terugdenken en daarbij in gedachten met u en de Erevelden verbonden zijn.
Ik dank u wel.